De tarieven
| Tarief | Geldt voor |
|---|---|
| 21 procent | Algemeen tarief: de meeste goederen en diensten, zoals advies, software, bouw, reparatie van auto's, alcoholhoudende dranken en sinds 2026 ook logies |
| 9 procent | Onder meer voedingsmiddelen en alcoholvrije dranken, water, geneesmiddelen, boeken en tijdschriften, personenvervoer, kappers, kleine reparaties aan fietsen, schoenen en kleding, en toegang tot culturele en sportieve evenementen |
| 0 procent | Vooral leveringen aan ondernemers in andere EU-landen en export buiten de EU, onder voorwaarden |
| Vrijgesteld | Onder meer medische zorg door erkende beroepen, onderwijs, financiƫle diensten, verzekeringen en de verhuur van woonruimte |
Logies naar 21 procent
Per 1 januari 2026 is het tarief voor logies verhoogd van 9 naar 21 procent. Dat raakt hotels, bed and breakfasts, vakantiewoningen en campings. Ontbijt en andere maaltijden vallen als voedingsmiddelen onder 9 procent, zodat een arrangement in delen moet worden gesplitst. De geplande verhoging voor cultuur, sport en media is niet doorgegaan; daarvoor blijft 9 procent gelden. Zie het bericht van de Belastingdienst over logies.
Vrijstelling of nultarief
Het verschil lijkt klein, maar is groot. Bij het nultarief blijft de ondernemer btw-ondernemer en mag hij de btw op zijn kosten aftrekken. Bij een vrijstelling mag dat niet: de btw op inkopen wordt een kostenpost. Een fysiotherapeut met een vrijgestelde praktijk betaalt dus btw op apparatuur zonder die terug te krijgen, terwijl een exporteur met het nultarief zijn btw volledig terugvraagt.
Gemengde prestaties
Bij een pakket met onderdelen in verschillende tarieven, zoals een workshop met lunch of een hotelovernachting met ontbijt, moet de prijs worden gesplitst naar de tarieven van de onderdelen, tenzij het ene onderdeel ondergeschikt is aan het andere. Een redelijke verdeling op basis van kostprijs of losse verkoopprijs is gebruikelijk.
Rekenvoorbeeld
| Bedrag exclusief btw | Btw 21 procent | Inclusief | Btw 9 procent | Inclusief |
|---|---|---|---|---|
| 100 euro | 21,00 euro | 121,00 euro | 9,00 euro | 109,00 euro |
| 850 euro | 178,50 euro | 1.028,50 euro | 76,50 euro | 926,50 euro |
| 2.500 euro | 525,00 euro | 3.025,00 euro | 225,00 euro | 2.725,00 euro |
Omgekeerd: uit een bedrag inclusief 21 procent btw is de btw 21/121 deel, bij 9 procent 9/109 deel. Uit 121 euro is dat 21 euro, uit 109 euro 9 euro.
Twijfel over het tarief
De tarieventabel in de Wet op de omzetbelasting is gedetailleerd, en de grens tussen twee tarieven kan bij een product dun zijn: een ontbijtpakket met een fles wijn, een tijdschrift met een digitaal abonnement. De Belastingdienst geeft per branche uitleg. Bij twijfel over een groot deel van de omzet is vooraf zekerheid vragen verstandiger dan achteraf corrigeren.